Forex terminologie
A | B | C | D | E | F | G | H | I | K | L | M | O | P | Q | R | S | T | U | V | W | Y
Aanbod - De prijs waartegen de (forex)markt bereid is om een instrument te verkopen.
Aandeel - Bewijs van deelname in het kapitaal van een vennootschap, met name een op de effectenbeurs vrij verhandelbaar aandeelbewijs.
Accumulate -Advies om een effect in een beleggingsportefeuille op te nemen voor de midden en lange termijn.
Arbitrage - Professionele handel in effecten zoals forex, futures of CFD's die op verschillende beurzen zijn genoteerd om te kunnen profiteren van een verschil in koers.
Baisse - Negatief sentiment op de beurzen cq op de foreign exchange. Tegenover hausse
Basisvaluta - Basisvaluta is de valuta
waarin een forextrader zijn P&L (Profit & Loss) meet. In forex
is de
Amerikaanse dollar vaak 'basis'
valuta voor quotes, wat betekent dat quotes worden uitgedrukt als een
eenheid van $1 per andere valuta vermeld in het valutapair.
Basis rente - Toonaangevende rente in een land of valutazone (Zoals Europa - Euro)
Bestens - Effectenorder die onmiddellijk dient te worden
uitgevoerd tegen de best beschikbare koers op dat ogenblik. Ook wel: at
market
Benchmark - Ijkpunt of index wat door een fonds als vergelijking wordt gebruikt: Bijvoorbeeld: de Bel20 is de benchmark voor de belgische beurs.
Beta - Getal ter uitdrukking van de relatieve volatiliteit van een effect tov de benchmark. Als de beta hoger is dan 1 dan is het individuele effect beweeglijker dan de benchmark, is de beta lager dan 1 dan is het effect minder beweeglijk dan de benchmark.
Beursgoeroe - Iemand met een bepaald gezag die voorspellingen doet over toekomstige koersbewegingen.
Bid / Ask spread - Ook wel: Quote. Het verschil tussen de
best bied en
laatprijs. Dus een bid / ask spread
in het forex pair EURUSD kan zijn: 1.3912 a 1.3914 en is dus 2 pips.
Bundesbank - Duitse Centrale Bank.
Cable - Jargon voor het valutapair: GBPUSD
CBFA - Instelling die toezicht houdt op het gedrag van de
gehele financiële marktsector in Belgie (zie http://www.cbfa.be).
CFD - Contract of Difference -
Een afgeleide van een future, kan gebaseerd zijn op een index, of een
goed zoals Olie, Goud, Heating Oil of Wheat.
Clearing - De procedure of instantie die worden ingezet bij
het administratief afwikkelen van een forex transactie.
Commissie - Het bedrag wat wordt gevraagd ter compensatie voor het tot stand komen van een forextransactie.
Contract - Een standaardhoeveelheid voor een forex trade
Cross Rate - De wisselkoers tussen twee willekeurige valuta die als niet-standaard worden beschouwd in het land waar het valutapaar wordt gehandeld in de forexmarkt. In de VS zou bijvoorbeeld een GBP/JPY quote als cross rate worden beschouwd, terwijl in de UK of Japan het één van de primaire verhandelde valutaparen in de forexhandel zou zijn.
Daghandel - Handelen zonder posities mee te nemen naar een
volgende handelsdag. Elke morgen begint men dus met een lege
handelsportefeuille. Zoals de typische forextrader zal handelen
Depreciatie - Een daling van de waarde van een valuta tov
andere valuta als
gevolg van vraag en aanbod
Derivaat - Afgeleid product van bijv. een goed, een effect een lening of valuta. Voorbeelden van derivaten zijn bijvoorbeeld: Opties, warrants, turbo's, CFD's en speeders.
Devaluatie - De opzettelijke neerwaartse aanpassing van een valutaprijs, gewoonlijk door middel van een officiële aankondiging door een monetaire autoriteit. Niet het gevolg van een verandering van vraag en aanbod, dit heet depreciatie.Een voordeel hiervan is dat de eigen producten in het buitenland goedkoper worden. Dit stimuleert de export, en maakt de import duurder. Het gevolg is meer werkgelegenheid en een verbetering van het saldo van de lopende rekening van de betalingsbalans.
EURO - De valuta van de Europese Monetaire Unie (EMU). De vervanging van de Europese Valuta Eenheid (ECU).
ECB - Europese Centrale Bank - Europese Centrale Bank (zie http://www.ecb.int/home/html/index.en.html)
EMU - Europese Monetaire Unie - De belangrijkste doelstelling van de EMU is om één enkele Europese valuta genaamd de euro in te voeren, die officieel de nationale valuta van de EU lidstaten in 2002 zal vervangen. Op 1 januari 1999 is de overgangsfase van de introductie van de euro begonnen. De euro bestaat nu als bancaire valuta en papieren financiële transacties en buitenlandse handel wordt in euro uitgedrukt. De overgangsperiode zal drie jaar duren, en tegen die tijd zullen de eurobankbiljetten en munten in circulatie komen. Op 1 juli 2002 zal uitsluitend de euro wettig betaalmiddel zijn voor EMU deelnemers; de nationale valuta van de lidstaten zullen ophouden te bestaan. De huidige leden van de EMU zijn Duitsland, Frankrijk, België, Luxemburg, Oostenrijk, Finland, Ierland, Nederland, Spanje, en Portugal.
FDIC- Federal Deposit Insurance Corporation - Federal Deposit Insurance Corporation. Een regulerende instantie die verantwoordelijk is voor het bijhouden van de bankdepositoverzekeringen in de USA.
FED - Federal Reserve - Amerikaanse centrale bank
Forward - De koers die wordt verwacht op een vastgestelde datum. Tegenovergestelde van Spot.
Futures contract - Een verplichting om een goed of instrument te verhandelen tegen een vaste prijs op een datum in de toekomst. Ook wel: Termijncontract
GTC - Good till canceled order - Order die geldig blijft tot hij uitgevoerd is of totdat de order gewijzigd of geroyeerd wordt.
Handelsbalans - De totale waarde van de export van een land minus de totale import.
Haussemarkt - Een stijgende markt.
Hedge - Een positie of combinatie van posities die het risico
van een primaire positie verminderen. Al dan niet met gebruik van
derivaten.Een forex trade is per definitie een hedgetrade, men koopt
het ene valutapair en verkoop het andere.
Indicator - Een hulpmiddel om het prijsverloop in bijv.
forex handel in te
schatten. Een indicator
ontstaat door een aantal berekeningen uit te voeren op de historische
prijs en op basis daarvan een voorspelling te doen voor de toekomstige
prijs. Het kiezen van een indicator
is een persoonlijke keuze en deze werken niet altijd, je moet dus nooit
op een enkele indicator
vertrouwen maar zoeken naar andere signalen die je conclusie
ondersteunen. Voorbeelden van indicatoren zijn: - MA - Moving average -
SMA - Simple moving average - EMA - Exponential moving average -
Bollinger banden - MACD - Stohastic - Fibonacci retracements - RSI
(relative strenght index) en nog veel meer
Inflatie - Een economische toestand waarbij prijzen voor consumptiegoederen stijgen, en zo de koopkracht verminderen
Jobber - Een forextrader die kleine transacties doet voor relatief kleine winsten. Een jobber neemt zelden een transactie overnight mee.
Krach - Plotselinge zeer felle daling van de beurskoersen.
Ook wel crash.
Leverage - Hefboom, heeft men
een leveragetoestemming van 200:1 dan verschaft een storting van $100
hem of haar een koopkracht van $20.000 waarmee men in de forexmarkt kan
handelen.
LIBOR - London Interbank Offered Rate - Rente die banken elkaar rekenen.
Limiet order - Een order die op een specifieke, door de trader ingegeven, prijs dient worden uitgevoerd.
Liquiditeit - De mogelijkheid van een markt om relatief grote transactie te absorberen met minimale tot geen impact op de koers.
Long positie - Speculerend op een koersstijging. Tegenovergestelde van short
Margin - Onderpand.
Margin call - Een verzoek om een extra storting te doen om een verliesgevende openstaande forexpositie te kunnen blijven financieren, wordt daaraan geen gehoor gegeven en beweegt de koers verder in negatieve richting dan vindt een executie van de positie plaats. Men spreekt dan van uitstoppen.
Market maker - Iemand die letterlijk een "Markt maakt". Dus
een market maker geeft gedurende een groot deel van een handelssessie
prijzen waartegen hij bereid is te kopen en te verkopen.
Maturity - Eindlooptijd van een eindig effect of afgeleid
product. De forex markt zelf heeft geen maturity, aangezien valuta in
principe niet eindig is.
Momentum - Snelheid of kracht
van koerswijziging.
Open positie - Een forexpositie waarop een handelaar nog
winsten of verliezen kan lijden: Letterlijk een `Open positite`
OTC
- Over the counter - Een transactie gedaan buiten de
officiele beurs om. Er bestaat paradoxaal genoeg een beurs voor OTC
transacties: Pink Sheets, een systeem vergelijkbaar aan NASDAQ: een
geheel geautomatiseerd systeem voor zeer illiquide en klein fondsen.
Alle forextransacties zijn OTC.
Overnight - Een positie die wordt meegenomen naar de volgende handelsdag. Dit kan, in forex handelend, financieringskosten met zich meebrengen en in bepaalde gevallen ook geld opbrengen.
Pip - Kleinst mogelijke verschuiving van een effect. Voor het forex valutapair EURUSD bijvoorbeeld: van 1.3911 naar 1.3910 of 1.3912. De verschuiving is 1 pip. Ook wel: Tick
Premie - Beschrijft in futures de hoeveelheid waarbij de termijnpositie of future prijs boven de spotprijs uitkomen
Quote - De beste bied en laatprijs samen. Dus een quote in EURUSD kan zijn: 1.3912 a 1.3914
Revaluatie - Een stijging in de wisselkoers voor een valuta als gevolg van een interventie van een centrale bank. Tegenovergestelde van devaluatie.
Roll-over - Het doorrollen van een (op een future gebaseerd)
effect naar een volgende contracttermijn. Komt niet voor in de
valutahandel .
Short positie - Speculeren op een koersdaling, waarbij men effecten heeft verkocht zonder ze in bezit te hebben in de hoop ze later op een gunstiger koers te kunnen terugkopen. Tegenovergestelde van: Long
Spotprijs - De huidige koers van een goed of effect. Tegenovergestelde van: Forward
Spread - Verschil tussen de bied en laatkoers
Sterling - Jargon voor het britse pond: GBP
Stoploss order - Order waarbij een positie automatisch wordt geliquideerd tegen een vooraf ingegeven koers.
Take profit order - De instructie van een trader om een effect of positie in een forex trade te kopen of te verkopen op een vooraf ingestelde prijs, resulterend in een afgenomen exposure in dat bepaalde effect en een positief handelsresultaat.
Turover - Totale hoeveelheid transacties, vaak uitgedrukt in een absolute waarde, dus meestal: Transacties X gem. transactieprijs. Ook wel: Volume.
Uptick - Een nieuwe quote die hoger is dan de laatst
afgegeven quote.
Valutadatum - Een transactie in de financiele sector wordt doorgaan enkele dagen NA de trade pas effectief. De tijd die dit exact duurt verschilt per land. We spreken dan van T(=T van Transactie) + X. In Belgie wordt in het algemeen T+3 gehandeld, dus de affaires die vandaag gedaan worden worden pas 3 werkdagen later effectief.
Volatiliteit - De mate van bewegelijkheid van een index, valutapair of enig ander effect
Vraagkoers - De koers waartegen een financieel instrument te koop wordt aangeboden (zoals in een bied/vraag spread).
Waardedatum - De datum waarop wederzijdse partijen bij een financiële transactie akkoord gaan om hun respectievelijke verplichtingen te voldoen, d.w.z. betalingen uit te wisselen. Bij spotvalutatransacties is de waardedatum gewoonlijk over twee werkdagen. Ook bekend als expiratiedatum.
Weerstand - Een koers waarbij de prijs moeite heeft om
(verder) door te stijgen, omdat er rond die bewuste nogal wat
verkoopdruk is.
Whipsaw - De situatie in een zeer volatiele markt waarin een beweging gevolgd wordt door een directe ommekeer.
Yard - Jargon voor 1 miljard
